La Palma, Isla Bonita

Het eiland La Palma is het meest westelijke Canarische eiland. Het is een vulkanisch eiland. Er is een grote oude vulkaan in het noorden. In een punt naar het zuiden zijn jongere vulkanen die deels nog warm zijn. Het landschap varieert daarmee van lavawoestenij in het zuiden tot vochtige subtropische bossen in het noordoosten. Het is een ongekend steil eiland, ideaal voor bergwandelen, maar vraagt wel wat conditie. Het klimaat in het oosten is meer vochtig en nat. Het zuiden en westen is meer zonnig en warm. Het noorden is winderig. En in de bergen (2426m.) heerst een sterk continentaal klimaat. Het eiland heeft een veelheid aan bloemen en planten. Er zijn diverse natuurreservaten en nationale parken. Het eiland wordt niet voor niets ook wel Isla Bonita genoemd.
De oorspronkelijke bewoners van La Palma zijn de Benahoarieten waarvan de oorsprong nog steeds niet bekend is. Zij hadden een neolithische cultuur en waren verdeeld in verschillende stammen die geleid werden door stamhoofden. Zij noemden La Palma Benahoare. De belangrijkste overblijfselen van deze cultuur zijn grotwoningen, rotstekeningen en met stenen geplaveide paden door de bergen.
Vanaf de kust tot een hoogte van 200 meter blijft de temperatuur het hele jaar ongeveer gelijk en komt deze zelfs in de winter zelden veel onder de 20 graden. In de winter vriest het en kan er sneeuw liggen op de Roque de Los Muchachos (2426 meter) terwijl het op het strand zomers kan zijn. In het oosten valt de meeste neerslag van alle Canarisch eilanden, in het westen heeft Tazacorte de meeste zonuren van Europa. In de periode van medio mei tot medio oktober valt in het westen eigenlijk nooit regen. De temperatuur ligt dan rond de 25°. In het noordoosten is er dan kans op passaatwolken met regen. Een wat tropisch klimaat.